De grootste schat

De grootste schat

Geschreven door: Tove Rebekka Johnsen | Gepubliceerd: donderdag 31 december 2009

In het gekrioel van mensen uit allerlei verschillende landen die opbouw en broederschap delen op het conferentiecentrum van de gemeente, Brunstad, ontmoet ik Patricia Fenn. Ze staat gedempt te praten met enkele bekenden voordat ze mij in de gaten krijgt, en een brede lach verschijnt op haar gezicht. We zoeken een plek op waar we kunnen praten zonder te worden gestoord door het bruisende leven op het conferentiecentrum.

Patricia groeide op in Connecticut, VS, in een katholiek gezin. 20 jaar jong trouwde ze met Gary Fenn, met wie ze samen was opgegroeid en bij wie ze jarenlang op school had gezeten.

Samen begonnen ze te zoeken naar meer inhoud in het leven. Nadat ze twee kinderen hadden gekregen – Sarah en Michael – gingen ze naar een bijbelschool in New York. In New York ontmoetten ze een evangelist van Brunstad Christian Church, genaamd Jether Vinson. Nadat ze hem hadden leren kennen gingen ze met hem naar een BCC conferentie in Landsdown.

Ik kon niet begrijpen hoe zij lichamelijke en psychische kracht hadden om kinderen voort te brengen

Het eerste wat Pat opviel van de gemeente was de grote kinderscharen die ze op de conferentie zag.
“Ik kon niet begrijpen hoe zij lichamelijke en psychische kracht hadden om kinderen voort te brengen”, zegt ze.

Toch was er iets met deze mensen wat haar aansprak, en ze begreep dat hier iets was wat ze te pakken moest krijgen. Voor haar man Gary was de ontmoeting met de vrienden in de gemeente een keerpunt in zijn leven. Hier vond hij precies datgene waar hij naar had gezocht. “Een dergelijk verlangen had ik niet”, zei Pat.

Halverwege de week wilde Gary dat ze zouden verhuizen naar Urbana; om dichter bij de vrienden te wonen.
De wens om te verhuizen kwam onverwachts voor deze jonge vrouw, die nog niet helemaal begreep waar ze mee in aanraking was gekomen.
“Maar ik merkte dat zij iets hadden wat ik ook wilde hebben, en ik begreep dat dit inhield dat we moesten verhuizen”, zegt Pat.

Het begin was voor Pat een proces om gewend te raken aan het nieuwe leven. Zelfs al begreep ze dat het aanvaarden van kinderen niet noodzakelijk was om volgens het evangelie te leven, kwam ze in persoonlijke nood hierover.
“Ik bad dat God mijn ogen zou openen”, zegt ze.

En langzaam maar zeker begon Pat anders te denken. Maar pas toen ze een tekst kreeg nam ze echt een beslissing. Het was de tekst over dat “En de haren van uw hoofd zijn ook alle geteld.” Matt. 10:30. Toen kreeg ze zo’n vertrouwen in Gods leiding in het leven, dat ze haar beslissing maakte.

“Ik wilde kinderen voortbrengen”, was de beslissing die ze nam. Maar de beslissing had ook een andere dimensie.
“Toen ik besloot om de kinderen die God ons zou geven te aanvaard, nam ik mij ook voor dat ze de hemel in zouden worden gebracht”, zei ze.

 Van mezelf heb ik niet het geduld en de liefde die je als moeder nodig hebt

De taak als moeder van 13 kinderen heeft Pat veel gegeven in het leven.
“Wanneer je tot je grenzen wordt gedreven leer je God kennen”, zegt een bedachtzame Pat.
Ze heeft gedurende een lang leven, en niet in het minst als moeder, God leren kennen als vriend en helper.
“Van mezelf heb ik niet het geduld en de liefde die je als moeder nodig hebt”, zegt Pat, en ze vertelt hoe ze haar gebrek aan goedheid, zorgzaamheid en liefde merkte.
“Maar God heeft mij het evangelie gegeven als een oplossing”, zegt Pat.

Door het evangelie heeft ze zich kunnen ontwikkelen om goed, zorgzaam en liefdevol te worden.

Maar als moeder heeft ze ook dingen meegemaakt die niet zo gemakkelijk waren.
“Mama, ik zag net een vliegtuig crashen in het gebouw hiernaast”, zei een zoon via de telefoon op een ochtend.
“Ze begrepen toen nog niet wat er gebeurde”, vertelt Pat.
Maar wat deze zoon zojuist had gezien was het tweede vliegtuig dat in het World Trade Center was gecrasht, wat het gebouw was naast dat waar hij werkte.
“Ze kwamen uit het gebouw, maar moesten blijven staan en toekijken hoe mensen uit het gebouw sprongen. Dat was een schokkende ervaring voor hem”, vertelt Pat, en ze zegt dat hij de twee weken erna geen woord heeft gezegd.
Op dat moment was de zoon niet gelovig.
“Maar wat er was gebeurd bracht hem in nood”, zegt Pat.

De zwaarste perioden zijn vaak het waardevolst

Toen ze haar vierde kind had gekregen raakte Pat betrokken bij een ernstig auto-ongeluk.
“Ik zag de vrachtwagen op mij afkomen”, zegt Pat.
Het eerstvolgende wat ze zich kan herinneren was dat er twee broeders bij haar ziekenhuisbed stonden die voor haar baden.
De jonge moeder was ernstig gewond geraakt door het ongeluk, en had onder andere breuken in het bekken. Dankzij het gebed van de broeders werd ze spoedig weer beter.
Pat was in het ziekenhuis veel alleen, aangezien Gary thuis was met de vier kinderen. In het ziekenhuis had ze veel tijd voor zichzelf en haar gedachten.
Toen ontwikkelde zij een hechte relatie met God doordat ze veel bad, en merkte dat teksten in de Bijbel haar tot hulp werden.
“De zwaarste perioden zijn vaak het waardevolst”, zegt Pat en ze legt uit dat je dan persoonlijke hulp krijgt van God, die je later weer aan anderen kunt geven.

Als persoon is Pat actief en gaat liever sporten dan dat ze stilzit en met haar handen werkt.
“Dus het was mooi dat we negen jongens kregen”, lacht Pat en ze vertelt over honkbalwedstrijden met de jongens.
“Het was grappig dat ik ze telkens versloeg”, zegt Pat.
Nu ze 57 jaar is, gaat het niet meer zo goed met honkbal, maar Pat heeft het druk met de 16 kleinkinderen die vaak in haar huis te vinden zijn.

De beslissing om de kinderen te aanvaarden was de moeilijkste die Pat moest maken, maar het werd ook de grootste schat voor Pat, die nu 13 volwassen kinderen en 16 kleinkinderen heeft.
“De kinderen zijn tot grote zegen en blijdschap voor mij geweest”, zegt ze.
Het gezin karakteriseert haar als een zorgzame, goede en warme moeder.
Pat vecht er nog altijd voor dat al haar kinderen bewaard zullen blijven tot in de hemel.
“Sommigen zijn een tijdje ‘weg’ geweest, en kwamen daarna weer terug”, zegt Pat.
Maar toen zij terugkwamen, kwamen ze terug met een nieuw hart en een nieuwe gezindheid.
“Dat is een wonder dat alleen God kan doen”, zegt ze.

Haar dagelijkse strijd bestaat er nu in om te bidden voor de kinderen en het goed te maken voor degenen om haar heen, zowel kinderen als kleinkinderen.
Ze besluit met te refereren aan het vers in 3 Joh 1:4: “Groter blijdschap ken ik niet, dan dat ik hoor, dat mijn kinderen in de waarheid wandelen.”