Laat ieder op zijn eigen zaken letten

Laat ieder op zijn eigen zaken letten

Geschreven door: E. Aslaksen | Plaats: Noorwegen | Gepubliceerd: woensdag 12 juni 2013

Er bestaat een geestelijke ziekte, een pest waar de hele mensheid onder lijdt, en dat is: je mengen in andermans zaken, je bemoeien met dingen die je niet aangaan, waar je niet toe aangesteld bent, waar je helemaal niets mee te maken hebt en waartoe je helemaal niet bevoegd bent.

In Joh. 21:22 staan wat dit betreft treffende woorden: “Wat gaat het u aan? Volg gij Mij!” Laten wij dit gebruiken als ons levensmotto, als slagzin!

Zo vinden we ook in 1 Petr. 4:15 een heel geschikt woord tegen deze zo wijd verspreide verderfelijke pest om je te bemoeien met andermans zaken, in plaats van met trouw en ijver alleen op je eigen zaken te letten: “Laat dus niemand onder u lijden als moordenaar of dief of boosdoener of als een bemoeial.” Wat raak gezegd hoe verschrikkelijk slecht het is je met andermans zaken te bemoeien! Het staat op één lijn met moord en diefstal! Dat is precies wat een moordenaar en een dief ook hebben gedaan: zich bemoeien met zaken van een ander!

En wat treffend dat al die mensen met elkaar gemeen hebben dat ze zich onnodig lijden op de hals hebben gehaald! Wat dom om je met andermans zaken te bemoeien en jezelf daardoor onnodig lijden te bezorgen! Je hebt immers zo al lijden genoeg.

En wat verstandig is het om jezelf te verloochenen en jezelf dat noodlottige inmengen te weigeren! Afblijven! Weg met die nieuwsgierigheid en oordeelzucht!

Onze zaak is zelf met de allergrootste trouw Christus te volgen in grote en kleine dingen.

Wij hebben hier niets mee te maken! Onze zaak is zelf met de allergrootste trouw Christus te volgen in grote en kleine dingen. Voortdurend in alles trouw te zijn, zowel op aards als op geestelijk gebied, dat, ja juist dat en niets anders, dat is mijn zaak.

Weg met al het andere! Wijs dat af! Ga er krachtig tegenin! Weiger het! Verloochen het! Oordeel en veroordeel het! Pak het radicaal aan! Dan ontkom je aan al dat nodeloze lijden. Dan heb je bestendig vrede en vreugde en wonderbare rust in God.

Wat anderen zeggen en doen en nalaten, dat is hun zaak en zeker niet de mijne!

Als iemand mij onrecht aandoet, dan is dat zijn zaak. Mijn zaak is iets heerlijks, namelijk me geduldig en blij in het onrecht te schikken en kwaad met goed te vergelden. Dan heb ik de hemel op aarde. Satan heeft ook een zaak: mij verzoeken om mij zo mogelijk te laten vallen, mij de moed te laten verliezen en het liefst op te geven. Dat is zijn zaak die hij met grote ijver behartigt.

Gods zaak is erop te letten dat wij niet 1 keer boven vermogen worden verzocht. 1 Kor. 10:13. Wat een troost, wat een hoop en wat een garantie voor heel onze toekomst, dat Hij zijn gezegende zaak waarneemt met volmaakte trouw!

Het is Gods zaak mij te sterken en dat doet Hij trouw, als ik trouw op mijn eigen zaak let.

Mijn zaak is volkomen trouw te zijn, in alle verzoekingen stand te houden en te overwinnen, Satan krachtig te weerstaan, zodat hij van mij wegvlucht.

Het is Gods zaak mij te sterken en dat doet Hij trouw, als ik trouw op mijn eigen zaak let.

Het is Gods zaak mij te zegenen. En dat verzuimt Hij nooit. En tenslotte zorgt Hij er trouw voor dat ik de kroon des levens krijg, Jak. 1:12, omdat ik trouw heb volhard en overwonnen in al het noodzakelijke lijden en omdat ik trouw het nodeloze lijden dat altijd komt doordat iemand zich met andermans zaken bemoeit, uit de weg ben gegaan.

Daarom, houd er helemaal mee op je met andermans zaken te bemoeien! Meng je niet in de zaak van God, niet in die van andere mensen, ook niet in de zaak van Satan, maar let des te beter op je eigen zaken!

Uit het blad Verborgen Schatten, oktober 1961 © Copyright Stiftelsen Skjulte Skatters Forlag, Norway | brunstad.org