Oordeel jezelf

Oordeel jezelf

Geschreven door: Elias Aslaksen | Gepubliceerd: vrijdag 24 oktober 2014

Alles, ook wat verlossing betreft, gaat volgens wetten. Precies zoals er natuurwetten zijn, zijn er ook geestelijke wetten.

De grondwet voor verlossing, vanaf het begin tot het eind - vanaf dat we beginnelingen zijn totdat we voleindigd zijn - is de wet van de ootmoed. Hierover staat in een van de brieven van Petrus en in de brief van Jakobus letterlijk hetzelfde.

De wet van de ootmoed

Die levenswet luidt zo: “De nederigen geeft God genade.” En dan hebben we het tegengestelde: “God weerstaat de hoogmoedigen”, ofwel de trotsen, de eigenwijzen, zij die opgeblazen zijn. Als je dus, terwijl je niet ootmoedig bent, om genade bidt, bid je maar wat in het wilde weg.

We kunnen geen aardappelen poten en aardbeien oogsten, al zouden we het nog zo graag willen. Ook al geven we nog zo veel mest, en al komt er nog zoveel regen, en al bewerken we de grond nog zo goed, zodat er goede voorwaarden voor de groei zouden zijn - dat gaat niet. Het is onmogelijk genade te krijgen als je niet ootmoedig bent.

De krachtigste Bijbeltekst die we hebben over ootmoed is het woord van Jezus: “Wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden…” En ik voeg er dan meestal aan toe: … of hij wil of niet.God is verliefd op zulke mensen. Ook al hadden zij erom gebeden om niet verhoogd te worden, dan zouden zij toch verhoogd worden. Zo zeker is het.

Eerste- en tweedeklas nederigheid

Bang zijn om je te vernederen is geestelijk gesproken volkomen onzinnig

Wanneer iemand zichzelf vernedert, kijken alle domme mensen op hem neer, maar alle verstandige mensen kijken tegen hem op. In ieder geval, afgezien van wat domme of verstandige mensen vinden, wordt hij verhoogd. Dus bang zijn om je te vernederen - daar een afschuw van hebben, het als het ergste voelen wat je je kunt indenken - is (geestelijk gesproken) 'waanzin' d.w.z. volkomen onzinnig.

Zichzelf verdedigen en verontschuldigen is dus de grootste dwaasheid die je je kunt indenken. Daarmee schuift men de verlossing van zich af. En we moeten immers altijd het beste zoeken. We moeten eersteklas zaken zoeken, en dat is jezelf oordelen, jezelf verootmoedigen, jezelf vernederen, dus uit eigen beweging. Dit is het grootste, het heerlijkste, het meest lonende en meest doeltreffende wat er bestaat, bij elke gelegenheid, elk ogenblik van ons leven.

Jezelf vernederen, uit eigen beweging, is dus eersteklas, uitmuntend - iedereen zou daarop verliefd moeten zijn en iedere gelegenheid daartoe aangrijpen. Het is hetzelfde als jezelf verootmoedigen, uit eigen beweging, dus niet omdat anderen vinden dat je het hoort te doen. Dit alleen is eersteklas, uitmuntend. Maar God is bovenmate genadig en ontfermend, en daarom kan het ook goed gaan met een klasse minder.

Het is hetzelfde als jezelf verootmoedigen, uit eigen beweging, dus niet omdat anderen vinden dat je het hoort te doen.

En die klasse minder, dat wat op de tweede plek staat in dit verband, is vernederd worden - verootmoedigd worden. Dit is dan iets wat God onderneemt. Maar ook dan kan men niet altijd gered worden, maar het is dus een mogelijkheid. Er is wel een voorwaarde om gered te worden - ook al is het slechts die tweede mogelijkheid - , namelijk dat ik volledig erken en de verootmoediging of vernedering accepteer, niet slechts met mijn mond, maar met mijn hart. Dan word ik ook verhoogd.

Er zijn heel wat mensen die in het dagelijks leven zich bezondigen en niets erkennen - nooit om vergeving vragen, zelfs niet om excuus vragen, 'om excuus vragen' is immers een veel milder woord. Voor zulke mensen is het vanzelfsprekend om zichzelf met hand en tand te verdedigen, ja, ze klampen zich aan iedere strohalm vast om zichzelf te verdedigen - ze verdedigen zich met alles wat ze maar bedenken kunnen. Zo wordt de eigen verlossing weggeredeneerd, ze werken hun eigen verlossing tegen.

Verlossing door zelferkentenis

Er is absoluut geen andere wijze om verlost te worden dan door zelferkentenis - door zich te verootmoedigen en zich te vernederen en te erkennen, door zichzelf te oordelen, en niet de ander.

We hebben een geweldig ernstig, ja dodelijk ernstige Bijbeltekst hierover: 1 Kor. 11:31-32. “Want indien wij onszelf oordeelden, zo zouden wij niet geoordeeld worden” (SV)

Wanneer ik mijzelf geoordeeld heb, dan wordt ik niet geoordeeld

Dat is toch gemakkelijk te begrijpen: wanneer ik mijzelf geoordeeld heb, dan wordt ik niet geoordeeld. Dan is de zaak immers in orde. Maar als ik verzuim me zelf te oordelen, dan is God zo liefdevol dat Hij ons oordeelt, om ons nog een kans te geven. En aanvaard ik dan dit oordeel- deze vernedering niet, dan wordt ik met de wereld veroordeeld.

Maar dan is het weer de grote vraag, precies zoals al eerder gezegd is, of ik dit oordeel aanvaard. Zo niet, dan word ik met de wereld veroordeeld! U kunt lezen zoveel u wilt - er staat niets anders.

En het spreekt toch voor zich, het is haast een overbodige opmerking, dat het niet bestaat om jezelf teveel te verootmoedigen. Te weinig komt heel veel voor. Maar er is niemand die zich ooit teveel verootmoedigd heeft.

Dit kan ons vaste antwoord zijn op alle mogelijke dingen, wanneer er iets is wat niet is zoals het moet zijn: dat komt door een ten hemel schreiend gebrek aan vreze Gods. Men neemt Gods woord niet dodelijk ernstig - maar het is wel dodelijk ernstig.

Van harte succes gewenst allemaal, geluk gewenst met een onbeschrijflijk heerlijke toekomst: een geweldige, grondige verlossing! Alleen God kan daartoe genade geven. En Hij geeft graag genade daartoe, heel graag. Dat is wat Hij het aller, allerliefst wil met alle mensen en met ieder persoonlijk.

Uittreksel van een toespraak van Elias Aslaksen
Gepubliceerd in het boek “De laatste toespraken van Elias Aslaksen”
© Copyright Stiftelsen Skjulte Skatters Forlag