In de Bergrede zegt Jezus dat niet iedereen die heeft geprofeteerd of grote dingen heeft gedaan in zijn naam, het Koninkrijk der Hemelen zal binnengaan; Hij zal tot hen zeggen: ‘Ik heb u nooit gekend, gaat weg van mij, gij werkers der wetteloosheid.’ Matt. 7:23.
Welke wetteloosheid hadden zij dan begaan? En hoe zien ware discipelen en apostelen hun roeping, hun uitverkiezing en dienst?
In bovenstaand venster kunt u kijken en luisteren naar een stukje uit de toespraak van Kåre J. Smith over dit onderwerp in de zomerconferentie Brunstad 2011.